1 Op een dag zei Naomi, haar schoonmoeder: ‘Mijn dochter, zal ik niet een thuis voor je zoeken waar het je goed zal gaan? 2 Boaz, bij wie je gewerkt hebt, is zoals je weet familie van ons. Vanavond zal hij op de dorsvloer gerst wannen. 3 Baad je, wrijf je in met olie, kleed je aan en ga naar de dorsvloer. Zorg dat hij je niet ziet voordat hij klaar is met eten en drinken. 4 Als hij gaat slapen moet je goed opletten waar hij zich neerlegt, en dan moet je naar hem toe gaan, de deken aan zijn voeteneinde terugslaan en daar gaan liggen. Hij zal je dan wel vertellen wat je moet doen.’ 5 Ruth antwoordde: ‘Ik zal doen wat u mij zegt.’ 6 Ze ging naar de dorsvloer en deed precies wat haar schoonmoeder haar had opgedragen.

Ruth 2:12 en 3:9

NBV
  • – de HEER, de God van Israël, onder wiens vleugels je een toevlucht hebt gezocht.
  • 'Wilt u mij bij u nemen, want u kunt voor ons als losser optreden.'
  • NBV21
  • – de HEER, de God van Israël, onder wiens vleugels je bent komen schuilen.
  • 'Laat mij bij u schuilen, want u kunt voor ons als losser optreden.'
  • In Ruth 2:12 spreekt Boaz mooie woorden tegen Ruth: ze heeft haar toevlucht gezocht onder Gods vleugels. In Ruth 3:9 lijkt Ruth daarop te reageren als ze – letterlijk – zegt: ‘Spreid uw vleugels over mij uit.’ In de NBV (‘Wilt u mij bij u nemen?’) is die parallel onzichtbaar geworden. Kun je dit oplossen door Ruth tegen Boaz te laten zeggen: ‘Laat mij schuilen onder uw vleugels’? Nee, dat is geen goede oplossing. De beeldspraak is functioneel als het over God gaat, maar spreken over Boaz’ vleugels levert in het Nederlands een rare uitspraak op. Dan bereik je niet het effect dat de tekst wil bereiken. Toch is er wel een andere mogelijkheid om de parallel zichtbaar te maken en om tegelijkertijd een vertaling in goed Nederlands te bieden. Dat kan door in beide teksten te werken met het motiefwoord ‘schuilen’. Dat is de keuze van de NBV21.

    Ruth 2:1 en 3:11

    NBV
  • Nu was Noömi van de kant van haar echtgenoot Elimelech verwant aan een belangrijk man, die Boaz heette.
  • … iedereen in de stad weet immers dat je een bijzondere vrouw bent.
  • NBV21
  • Nu was Naomi van de kant van haar echtgenoot Elimelech verwant aan een moedig en invloedrijk man, die Boaz heette.
  • … iedereen in de stad weet immers dat je een moedige vrouw bent.
  • Boaz wordt in Ruth 2:1 een ’isj gibboor chajil genoemd; de NBV schuift die termen ineen tot de aanduiding ‘een belangrijk man’. In Ruth 3:11 wordt echter ook Ruth als chajil getypeerd. Door nu voor beiden hetzelfde woord te kiezen, ‘moedig’, blijft dit motief werkzaam in de tekst. Boaz wordt daarnaast ook nog gibboor genoemd. Door dat als ‘invloedrijk’ weer te geven wordt zijn status goed onderstreept. Was Boaz moedig? Het getuigt van moed om je over een verschoppeling te ontfermen; dat kost je wat (niet voor niets ziet de niet bij name genoemde man uit Ruth 4 ervan af). De link met de tijd van de Rechters (zie Ruth 1:1) maakt dit nog sprekender: het is een tijd van heldhaftige, moedige strijders. Daar zet het verhaal van Ruth een voorbeeld van een ander type heldhaftigheid naast.

    7 Boaz at en dronk, voelde zich voldaan, en legde zich te slapen tegen een hoop gerst. Toen kwam Ruth stilletjes naar hem toe, sloeg de deken aan zijn voeteneinde terug en ging liggen. 8 Midden in de nacht schrok hij wakker, draaide zich om en zag een vrouw aan zijn voeteneinde liggen. 9 ‘Wie ben jij?’ vroeg hij. ‘Ik ben het, heer, Ruth,’ zei ze. ‘Laat mij bij u schuilen, want u kunt voor ons als losser optreden.’ 10 ‘Moge de heer je zegenen, mijn dochter,’ zei hij. ‘Dit getuigt van nog meer trouw dan wat je voorheen al hebt gedaan. Je hebt niet omgekeken naar jongere mannen, arm of rijk. 11 Daarom, mijn dochter, wees niet bang. Ik zal doen wat je van me vraagt; iedereen in de stad weet immers dat je een moedige vrouw bent. 12 Maar al is het waar dat ik jullie kan helpen, er is nog iemand anders voor wie dat geldt, en hij staat dichter bij jullie dan ik. 13 Blijf vannacht hier. Als morgenochtend blijkt dat die man als losser wil optreden is het goed, maar als hij dat niet wil, dan doe ik het, zo waar de heer leeft. Blijf hier nu maar liggen, tot het ochtend wordt.’ 14 En zij bleef tot de ochtend aan zijn voeteneinde liggen.

    Voordat het zo licht werd dat men iemand herkennen kon, stond ze op, want hij wilde niet dat bekend werd dat ze op de dorsvloer was geweest. 15 Hij zei: ‘Pak je omslagdoek en houd hem open.’ Dat deed ze, en hij goot er zes maten gerst in en hielp haar dit alles op te tillen. Daarna ging hij naar de stad. 16 Zij ging naar haar schoonmoeder, die haar vroeg hoe het haar was vergaan. Ruth vertelde haar wat Boaz voor haar gedaan had. 17 ‘Deze zes maten gerst heeft hij me gegeven, “want,” zei hij, “je moet niet met lege handen bij je schoonmoeder aankomen.”’ 18 Daarop zei Naomi: ‘Blijf hier dan maar rustig wachten tot je weet hoe het afloopt, mijn dochter, want ik weet zeker dat deze man niet zal rusten voordat hij de zaak geregeld heeft.’

    Heb jij de NVB21 al gereserveerd?

    De NBV21 is de bijbelvertaling van de 21e eeuw. De NBV21 combineert al het goede van de NBV met alles wat er nog beter kon. Het resultaat: een vertaling die vertrouwd voelt en als nieuw. De NBV21 verschijnt in oktober 2021.